De steengroeve van Winterswijk: waarom deze plek zo belangrijk is voor fossielen en geologie

De steengroeve van Winterswijk: waarom deze plek zo belangrijk is voor fossielen en geologie

Bij het parkeerterrein van de Steengroeve van Winterswijk begint het al. Je staat nog gewoon boven, tussen auto’s en een informatiebord, maar een paar stappen verder kijk je ineens een diepe wand in. Daar liggen lagen steen open die normaal verborgen blijven. Wie goed kijkt, ziet geen gewone afgraving, maar een stuk ondergrond dat in Nederland bijna nergens zo zichtbaar is.

Dat maakt deze plek bijzonder voor Winterswijk en voor de rest van de Achterhoek. De steengroeve laat een kant van de streek zien die je niet tegenkomt in houtwallen, beken of akkers. Hier gaat het om wat er al lag lang voordat er dorpen, wegen of boerderijen waren.

Wat je in de groeve eigenlijk ziet

De Steengroeve Winterswijk is een dagbouw waar kalksteen wordt gewonnen. Sibelco exploiteert de groeve. De winning begon in 1933. Daarmee was dit de eerste plek in Nederland waar kalksteen in dagbouw werd gewonnen. Inmiddels is de groeve ongeveer 40 meter diep.

Voor veel mensen hoort Winterswijk bij het coulisselandschap: weilanden, bosranden en slingerende wegen. In de groeve zie je iets heel anders. Daar ligt de diepe ondergrond open. De wanden tonen aardlagen uit de Trias, ongeveer 240 tot 250 miljoen jaar oud.

Het gaat om Muschelkalk, een grijze, kleiige kalksteen. Juist dat gesteente maakt de groeve geologisch zo belangrijk. In Nederland komt Muschelkalk nergens anders zo aan de oppervlakte.

Waarom geologen naar Winterswijk komen

Wie met een gids langs de groeve loopt, ziet meer dan steenlagen alleen. In de wand zijn sporen te herkennen van oude omstandigheden: krimpscheuren, golfribbels en schuine lagen. Zulke details vertellen iets over het landschap van toen, toen hier geen Achterhoek lag zoals wij die kennen, maar een heel andere wereld.

Daarom heeft geologie Winterswijk al lang op de kaart gezet. Onderzoekers kunnen hier in één oogopslag zien wat op veel andere plekken diep onder de grond zit. De groeve is voor geologen en paleontologen een werkplek, geen decor.

Soms wordt Winterswijk de “mozaïekvloer van Nederland” genoemd. Die bijnaam verwijst naar de opbouw van de ondergrond in en rond het dorp. Verschillende oude lagen liggen hier relatief dicht onder het maaiveld. In de groeve wordt dat letterlijk zichtbaar.

Fossielen uit een oude zee

De steengroeve is niet alleen van belang door de lagen steen. Er zijn ook veel fossielen gevonden. Samen geven die een beeld van het leven in de Trias.

Het gaat om resten en afdrukken van onder meer weekdieren, brachiopoden, vissen, kreeftachtigen, insecten en planten. Ook sporenfossielen zijn belangrijk. Denk aan loopsporen of graafgangen die in de steen bewaard zijn gebleven. Juist die kleine vondsten helpen onderzoekers om een oude leefomgeving te reconstrueren.

De bekendste naam is waarschijnlijk Nothosaurus winterswijkensis. Van dit reptiel zijn in Winterswijk botresten gevonden, maar ook voetsporen. Sommige daarvan bewaren zelfs huid- en nagelindrukken. Dat maakt zo’n vondst extra waardevol. Je ziet dan niet alleen welk dier er was, maar ook hoe het zich bewoog.

Een andere opvallende vondst is Gelrincola winterswijkensis, beschreven als het oudste bekende pissebedfossiel van Nederland. Ook Pararcus diepenbroeki, een placodont, hoort bij de soorten die met Winterswijk verbonden zijn. Voor liefhebbers van fossielen Winterswijk zijn dat bekende namen, maar het belang zit vooral in het geheel. De groeve levert niet één losse topvondst op. Ze laat een complete oude leefwereld zien.

Een venster op de Trias

De ouderdom van de lagen maakt de groeve extra interessant. De fossielen en gesteenten komen uit de Trias, een periode van ongeveer 252 tot 201 miljoen jaar geleden. De lagen in Winterswijk dateren uit het vroege deel daarvan, grofweg 240 tot 250 miljoen jaar geleden.

Dat is de tijd na de grote massa-extinctie aan het einde van het Perm. Veel onderzoekers kijken daarom naar Winterswijk om te begrijpen hoe het leven zich daarna herstelde. Welke dieren verschenen er weer? Hoe zag het milieu eruit? En wat vertellen de lagen over ondiepe zeeën, droogvallende platen en veranderende omstandigheden?

Dat klinkt misschien abstract, maar in de groeve wordt het tastbaar. Een scheur in de steen, een ribbel in een laag, een afdruk van een poot: het zijn kleine aanwijzingen die samen een oud landschap terugbrengen.

Niet vrij toegankelijk, wel te bezoeken

Wie de groeve wil bekijken, kan er niet zomaar inlopen. De Steengroeve van Winterswijk is niet vrij toegankelijk. Zelf naar beneden gaan mag dus niet. Bezoek is mogelijk via georganiseerde excursies met gidsen.

Dat is ook logisch. In de groeve valt veel te zien, maar zonder uitleg loop je makkelijk langs de belangrijkste details heen. Een gids wijst op de lagen, vertelt wat je in de wand herkent en legt uit waarom een bepaalde vondst ertoe doet.

Daarnaast zijn er zoekdagen waarop deelnemers onder voorwaarden naar fossielen en mineralen kunnen zoeken. Voor veel bezoekers is dat de eerste echte kennismaking met de ondergrond van Winterswijk. Je kijkt dan niet meer alleen naar een wand, maar gaat zelf op zoek naar sporen van een wereld die hier honderden miljoenen jaren geleden bestond.

Wat deze plek betekent voor de Achterhoek

De Achterhoek wordt vaak beschreven via het landschap bovengronds. Dan gaat het over essen, beken, bosjes en oude erven. Dat beeld klopt, maar het is niet het hele verhaal. De steengroeve laat zien dat de streek ook onder de grond een eigen geschiedenis heeft.

Daarmee neemt Winterswijk een aparte plek in binnen de regio. Waar je elders in de Achterhoek vooral cultuurhistorie of landschap ziet, kijk je hier recht een veel oudere laag van de streek in. Dat maakt de groeve belangrijk voor onderzoek, onderwijs en excursies, maar ook gewoon voor inwoners die willen weten wat er onder hun voeten ligt.

De groeve is dus meer dan een winningslocatie. Ze is ook een plek waar wetenschap en landschap elkaar raken. Voor de een is het een werkterrein, voor de ander een bestemming voor een excursie. En voor veel Achterhoekers is het vooral een plek die laat zien dat deze regio niet alleen aan de oppervlakte interessant is.

De blik op beneden verandert je beeld van Winterswijk

Wie boven aan de rand staat, ziet eerst vooral diepte en steen. Pas daarna valt op hoeveel verhaal daarin zit. De lagen in de wand zijn geen stille achtergrond. Ze bewaren sporen van leven, water, droogte en beweging uit een tijd die bijna niet voor te stellen is.

Juist daarom blijft de Steengroeve Winterswijk mensen trekken. Niet omdat het een spectaculaire attractie is, maar omdat je hier iets kunt zien wat meestal verborgen blijft. De ondergrond ligt open. En wie eenmaal weet waar hij naar kijkt, ziet in die grijze kalksteen ineens een geschiedenis die veel verder teruggaat dan de Achterhoek zelf.

Veelgestelde vragen

Waarom is de Steengroeve van Winterswijk bijzonder?

Omdat hier Muschelkalk aan de oppervlakte komt. Dat is in Nederland uniek. Bovendien zijn er veel belangrijke fossielen gevonden.

Hoe oud zijn de lagen in de groeve?

De zichtbare lagen dateren uit de Trias en zijn ongeveer 240 tot 250 miljoen jaar oud.

Welke fossielen zijn in Winterswijk gevonden?

Onder meer resten en sporen van weekdieren, vissen, kreeftachtigen, planten en reptielen zoals Nothosaurus winterswijkensis.

Kun je de groeve zelfstandig bezoeken?

Nee. De groeve is niet vrij toegankelijk. Bezoek kan via excursies met een gids.

Mag je er zelf fossielen zoeken?

Dat kan niet altijd. Er zijn wel speciale zoekdagen waarop dat onder voorwaarden mogelijk is.

Hoe diep is de Steengroeve van Winterswijk?

De groeve is ongeveer 40 meter diep.


Geplaatst

in

door

Tags:

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *